woensdag 21 juli 2010

Van onmacht naar controle.

Van onmacht naar controle.
Jong ben je, ambitieus,
mooie plannen voor je eigen toekomst.
Je wilt iets worden, iets maken van je leven.
Mensen kennen je als een entousiast persoon,
iemand met veel vrienden, een rijk sociaal leven.

Je doet een opleiding die je qua theorie goed kunt doen.
In het weekend ga je lekker uit je dak, schijt aan alles,
je bent iemand die zichzelf durft te laten zien.

Maar hoe graag je ook wilt,
je bijt je vast aan waar je mee bezig bent,
het niet willen falen, maakt het dat je juist faalt.

Toekomstdromen lijken te vervagen
maar je wilt niet opgeven
want je kunt het toch wel, net als de rest.

Je gaat maar door met jezelf te willen bewijzen,
je gaat jezelf voorbij.
En dan komt het moment dat je beseft
dat alles je tussen je handen weg glipt.

Frustratie, boosheid, verdriet, angst.
Je wilt jezelf niet meer in de ogen kijken
want je weet niet meer wie je bent,
wat je wil, wat je kan.

Alles in het leven trek je in twijvel.
Je durft niets meer,
het voelt alsof de hele wereld tegen je is.

In het diepst van je depressie,
wil je alleen maar met rust gelaten worden,
dat gaat van kwaad tot erger.

Uit onmacht wijs je iedereen de deur,
woede tegen alles want het is je allemaal te veel.

Vervolgens jezelf daarvan weer vreselijk op de kop geven,
ja wat bezielt mij toch?
De wereld voelt veiliger voor je, als je wereld te overzien is voor je,
en verder dan de voordeur komt die wereld niet meer.

Langzaamaan kom je weer een beetje bij zinnen,
je gaat in behandeling, weer onder de mensen,
met je zelf aan de slag.
Waarom voel ik dit, waar komt het vandaan, gaat het ooit over?
Je leert weer dat je er weer wilt zijn, al ben je nog vreselijk achterdochtig.

Je kijkt in de spiegel, je leert weer met jezelf te leven.
Dingen leer je anders aan te pakken, met veel vallen en opstaan.
Veel weerstand voel je in je hele lijf, want je bent het niet gewend,
alles zo anders te doen.

En als het dan al een keer goed uit heeft gepakt
dat je iets heel anders aan hebt gepakt,
voelt het maar even goed.
De omgeving, familie, vrienden,
mensen in jouw leefwereld, kennen jou zo niet.

Je trekt jezelf weer in twijvel, mág ik het nu wel anders doen.
Na veel botsingen, veel emoties, zie je toch de resultaten.
Mensen in je kleine leefwereldje beginnen aan je nieuwe %u201Cik%u201D te wennen.

Ja het begint zelfs fijn te voelen dat je niet meer
tegen de wereld aan het opboksen bent.
Je maakt keuzes, keuzes die binnen jouw mogelijkheden
liggen en goed binnen je gevoel passen.
Je komt er achter, dat wat ik was, ben ik niet meer.
En ook al ben je een beter mens nu, je mist je enthousiaste
en impulsieve extraverte leven van vroeger.

Wat is daar van over gebleven.......
Stapje voor stapje, beetje voor beetje,
probeer je weer een beetje een sociaal leven te krijgen.
Je stoot weer tegen weerstanden aan, angsten,
maar je kunt het nu wél de baas blijven,
dát heb je inmiddels geleerd.

Dat geeft het besef, dat je weer controle hebt ookal word
het nooit meer zoals het was, ben je misschien niet wat
een ander van je verwacht,
pas je misschien niet in het profiel
wat de maatschappij graag in ons ziet.

Ook jij bent waardevol, heb je kwaliteiten en niet op de laatste plaats,
kijk wat een zelfkennis je hebt opgedaan,
wat je sterker en weerbaarder heeft gemaakt.
De ervaringen die je hebt opgedaan,
daar kun je iets mee.

Het heeft je een completer mens gemaakt, met een veel groter hart.
Zeg nou zelf, wat is nu meer waard dan dát?

Anita Eggens
, 2008

Geen opmerkingen:

Een reactie posten